Generiek raamwerk helpt bij circulaire uitvraag

Actielijn 5: De uitvraag
Generiek raamwerk helpt bij circulaire uitvraag

Het ontwikkelen van een raamwerk voor een circulaire uitvraag staat centraal in de nieuwe actielijn binnen het traject Circulair Herinrichten. Voor Gerben Broekhuijsen, adviseur bij Copper8, is dit een logische en noodzakelijke stap. “In deze actielijn komen alle eerdere lijnen bij elkaar,” zegt hij. “Vraag en aanbod van herbruikbare materialen, meetmethodes en ontwerpuitgangspunten: alles komt samen in de generieke uitvraag die we de markt in brengen.”

Volgens Broekhuijsen is het hoog tijd voor een generiek raamwerk dat organisaties helpt om circulair uit te vragen. “Iedere organisatie doet het nu op zijn eigen manier. Wij willen de beste elementen uit bestaande interieur- en herinrichting uitvragen verzamelen, daar waar nodig aanvullen en zo komen tot een raamwerk dat breed toepasbaar is.” Dat moet zowel kleine als grote organisaties ondersteunen. “Voor partijen die niet weten waar ze moeten beginnen, verlaagt het de drempel. En voor leveranciers en fabrikanten betekent het dat zij steeds vaker een eenduidige circulaire uitvraag krijgen, wat ruimte biedt om te investeren en te innoveren.”

Noodzaak

De noodzaak van zo’n raamwerk komt voort uit de dagelijkse praktijk die Broekhuijsen al jaren observeert. “Ik heb met eigen ogen gezien hoeveel afval er ontstaat. Aan de ene kant van een gebouw worden complete luchtkanalen en binnenwanden gesloopt, terwijl elders exact dezelfde materialen nieuw worden ingebouwd. Dat is niet slim, niet zuinig en eigenlijk niet meer uit te leggen.” Volgens hem gaan we veel te makkelijk om met grondstoffen. “We doen vaak alsof ze oneindig zijn, maar dat zijn ze niet. We zijn ze aan het uitputten.”

Circulair werken betekent voor Broekhuijsen niet hetzelfde als inleveren op kwaliteit. “Je kunt prachtige gebouwen maken en goed leven zonder enorme afvalstromen. Afval kan weer grondstof worden.” De impact reikt bovendien verder dan de bouwsector. “Het gaat over biodiversiteit, milieu en leveringsrisico’s. De circulaire economie helpt bij het aanpakken van klimaatverandering, stikstofprobleem en afhankelijkheid van kritieke materialen uit bijvoorbeeld China of Afrika. Minder afhankelijkheid maakt ons als samenleving weerbaarder.”

“We doen vaak alsof ze oneindig zijn, maar dat zijn ze niet"

Anders inrichten

Een circulaire uitvraag begint bij een andere manier van kijken naar inrichting en interieur. “Waarom zouden we iets weggooien als je het op een goede manier kunt hergebruiken? De vraag is hoe we gebouwen zo inrichten dat ze losmaakbaar zijn, zodat onderdelen elders opnieuw kunnen worden ingezet.” Dat maakt organisaties flexibeler en financieel sterker. “Inrichtingen worden nu vaak elke vijf of zes jaar vervangen. Als je deze aanpasbaar maakt, scheelt dat enorm in kosten. Dat is ook gewoon slim vastgoed- en bedrijfsbeheer.”

Toch werkt de praktijk nog vaak anders. “De dynamiek is nu: de materialen moeten er nu in, het moet aan de eisen voldoen en het maakt niet uit hoe het er straks weer uitgehaald moet worden.” Daarom vindt Broekhuijsen het belangrijk dat grote organisaties het goede voorbeeld geven. “Als grote vastgoedeigenaren en gebruikers dit anders doen, dient dat een maatschappelijk belang. Het is hoopgevend dat partijen als het Rijksvastgoedbedrijf en de politie hier verantwoordelijkheid in nemen. Zij kunnen echt beweging creëren.”

Versnellen van de circulaire economie

Bij Copper8 houdt Broekhuijsen zich dagelijks bezig met het versnellen van de circulaire economie. “We noemen onszelf een adviesbureau, bij gebrek aan een beter woord, maar ons doel is om de circulaire economie vooruit te helpen en ons daarin misbaar te maken.” Ongeveer de helft van het werk zit in de bouw, de andere helft in andere sectoren. Kenmerkend is dat Copper8 ook eigen onderzoek financiert. “Met het geld dat we verdienen aan commerciële opdrachten doen we studies waar wel behoefte aan is, maar waarvoor geen specifieke opdrachtgever bestaat.” Zo onderzocht het bureau de materiaalvraag van de energietransitie, met aandacht voor kritieke materialen in bijvoorbeeld batterijen.

In de bouwsector ligt de focus nu vooral op nieuwbouw en MPG-berekeningen. “Daar is nog veel ontwikkeling in nodig maar dat loopt inmiddels wel. Wij kijken vast naar de volgende stap richting een circulaire economie.” Daarbij valt vooral de installatietechniek op. “De milieu-impact en aanpasbaarheid daarvan is zwaar onderbelicht, terwijl daar juist veel circulaire winst te behalen is.”

Blinde vlek

Een grote blinde vlek in de milieubeoordeling van gebouwen is de inrichting, die per gebruiker verschilt. Broekhuijsen zag dit eerder in zijn werk bij een installateur. “We realiseerden een project, leverden het op, en vervolgens haalde de huurder meteen een deel van de inrichting eruit.” Dat is volgens hem eerder regel dan uitzondering. “Huurders hebben andere wensen en omdat veel niet losmaakbaar is, verdwijnt het rechtstreeks de container in.”

Daar komt bij dat op dit onderdeel nauwelijks wordt gestuurd op milieu-impact. “MPG- en BENG-berekeningen gelden voor nieuwbouw en vaste gebouwonderdelen, maar alles wat gebruiker gebonden is, valt daar grotendeels buiten. Denk aan inrichting, binnenwanden, plafonds en installaties. Juist dat zijn de onderdelen die het snelst worden vervangen.” Die constatering wordt breed gedeeld. “Zowel vraag- als aanbodpartijen vinden dat we hier iets mee moeten.”

"Wil jij bijdragen aan de ontwikkeling van het raamwerk voor de circulaire uitvraag?'

Marktconsultatie

Een belangrijk onderdeel van de circulaire uitvraag is marktconsultatie. “We gaan in gesprek met leveranciers van vloeren, plafonds, binnenwanden en installaties,” legt Broekhuijsen uit. “We willen weten wat er kan, wat nog niet werkt en waar de echte uitdagingen zitten.” Daarbij gaat het ook om regelgeving en veiligheidsnormen. “Is het haalbaar voor de markt? En zo niet: kunnen we dat oplossen of er slim omheen werken?” Koplopers spelen hierin een belangrijke rol. “Zij bepalen hoe hoog de lat ligt voor de rest van de markt.”

De marktconsultatie helpt ook om onzekerheid bij opdrachtgevers weg te nemen. “Men vraagt zich vaak af of de markt hier wel klaar voor is en wat het doet met de kosten.” Door de markt actief te betrekken worden die vragen concreet. “Zo worden uitvragen ambitieus, maar ook realistisch en haalbaar.” De eerste partijen hebben inmiddels toegezegd om mee te doen, waaronder het Rijksvastgoedbedrijf en Deloitte.

Doe mee

Tot slot doet Broekhuijsen een oproep aan organisaties die willen aanhaken. “We starten met een groep partijen die samen dit raamwerk ontwikkelen. Dat vraagt een relatief kleine bijdrage, maar levert veel op: inzicht in bestaande uitvragen, directe dialoog met de markt en scherpere, toekomstbestendige herinrichtingsprojecten.”

Wil je bijdragen aan de ontwikkeling van het raamwerk voor de circulaire uitvraag, schrijf je dan in via dit formulier. We nemen daarna contact met je op.